Leren lezen in de onderbouw
Voordat kinderen naar school gaan, ontwikkelen ze al een
taalbewustzijn. Zo weten ze dat je van losse woorden zinnen kunt
maken en dat je zinnen kunt opdelen in losse woorden. Rond hun
derde jaar krijgen kinderen een fonologisch bewustzijn: ze
gaan de klankstructuur van taal doorzien. Ze kunnen dan
bijvoorbeeld van losse lettergrepen langere woorden maken
('nijn'-hok').
Groep 1 en 2
Vanaf groep 1 leert een kind eigenlijk
al lezen. Kinderen ontdekken, vooral tegen het einde van groep
2, dat gesproken woorden uit losse klanken bestaan. Dit
heet het fonemisch bewustzijn, een belangrijke
voorwaarde voor het leren lezen in groep 3. Zie Leren lezen in groep 1 en 2.
Groep 3
In groep 3 begint een kind echt met leren
lezen en schrijven. In deze fase is het aanleren van
klank-letterkoppelingen en letterkennis belangrijk. Kinderen
leren ook woorden schrijven als ondersteuning van het lezen. Zie Leren lezen in groep 3.
Groep 4
In groep 4 wordt het leesproces
ingewikkelder. Er is steeds meer aandacht voor het begrijpend
lezen. Ook het schrijven wordt steeds belangrijker. Zwakke
lezers krijgen het nu moeilijker. Zie Leren lezen in groep 4.
Verder naar Leesproblemen in de onderbouw
Laatste wijziging: 24-01-2011