Hoe kan ik mijn kind helpen?
Uw kind met leesproblemen of dyslexie
in de bovenbouw kunt u op de volgende manieren helpen:
- letten op signalen
- overleggen met school
- thuis extra ondersteunen
- blijven stimuleren en bemoedigen
- gebruik van hulpmiddelen
- opkomen voor de belangen van het
kind
1. Letten op signalen
Omdat dyslexie lang niet altijd in de onderbouw
wordt gesignaleerd, blijft het dus belangrijk om bedacht te zijn op
signalen van dyslexie als blijkt dat:
- de leesontwikkeling niet vlot verloopt
- het kind tekenen van faalangst gaat vertonen bij lees en
spellingtaken
- het kind emotionele of gedragsproblemen ontwikkelt zonder
duidelijke oorsprong.
Een eenvoudige manier om op signalen te letten is te luisteren
als het kind hardop leest of onzinwoorden moet lezen. Bij het
hardop lezen vallen het trage tempo en de vele fouten op. Bij
onzinwoorden heeft een kind geen steun aan het woordbeeld of
houvast aan de betekenis van een woord in een zin. Onzinwoorden
moeten letter voor letter verklankt worden. Dit kost kinderen met
dyslexie opvallend veel moeite.
naar boven
2. Overleggen met school
Maakt u zich zorgen om uw kind en houdt de
school nog geen structureel overleg over leesproblemen of
dyslexie, dan is de eerste stap het informeren naar de
toetsresultaten. Dit kan dus ieder jaar rond van de
herfstvakantie.
Is al wel bekend dat uw kind dyslexie of ernstige
lees-/spellingproblemen heeft, dan moeten leerkracht en ouders
aan het begin van het schooljaar zo snel mogelijk het
begeleidingsplan uit het vorige leerjaar met elkaar doornemen en
overleggen over de eventuele adviezen van de externe
deskundige.
Een begeleidingsplan is een globaal plan van aanpak, dat de
basis vormt voor het handelingsplan van de
leerkracht. Een handelingsplan is gedetailleerd en voor de
korte termijn. Het handelingsplan bestrijkt een periode van 6
weken tot 3 maanden en geeft gedetailleerd weer wat, hoe, wanneer,
door wie en waar met welke materialen de hulp zal plaatsvinden en
wanneer de hulp geëvalueerd zal worden.
Soms zal dit een plan zijn dat in de klas door de leerkracht
wordt uitgevoerd. Soms wordt de remedial teacher en externe
deskundige ingeschakeld. Hulp van ouders kan een goede aanvulling
betekenen.
naar boven
3. Thuis extra ondersteunen
(Voor)lezen als dagelijkse kost!
Wanneer een kind niet zelf wil lezen, blijft voorlezen tot en
met groep 8 (of zelfs later) belangrijk. Het liefst dagelijks.
Hierdoor krijgt uw kind toch toegang tot de gewone
kinderboeken die bij hun leeftijd passen.
Als ouder werk je hierdoor ook mee aan het voorkomen van een
taalontwikkelingsachterstand. Kinderen ervaren zo dat boeken lezen
leuk kan zijn.
Het protocol geeft de volgende tips voor ouders:
- probeer een voorleesrooster te maken, zodat meerdere leden uit
het gezin of opa en oma of de oppas een bijdrage kunnen
leveren
- houd een (voor)leeslogboek bij. Het is stimulerend om te zien
wat er in de loop van de tijd allemaal al is gelezen
- voorlezen voor het naar bed gaan is een goede manier om de dag
af te sluiten: het kind komt tot rust en heeft iets leuks in het
hoofd bij het in slaap vallen. En het is erg gezellig!
- ouders van meerdere kinderen kunnen hun keuze van het
voorleesboek afstemmen op de oudste. De jongsten pikken eruit op
waar ze aan toe zijn en voor de oudste is het erger een
kinderachtig boek voorgelezen te krijgen
- het belangrijkste is dat de boeken kinderen aanspreken. Ze
moeten ze leuk en spannend vinden
- tijdens het (voor)lezen kunt u af en toe stoppen en (open)
vragen stellen. Hierdoor wordt het kind gestimuleerd om zijn eigen
gedachten onder woorden te brengen. Bijvoorbeeld: "Wat vind je
van…?", "Hoe denk je dat dit werkt…?", "Hoe gaat het
verder…?", "Wat zou daarvoor de reden kunnen zijn…?"
- kinderen leren veel van de feedback die iemand geeft over de
manier waarop ze lezen. Niet door te zeggen dit is fout, maar door
ze een hulpmiddel (een strategie) aan te bieden. Bijvoorbeeld:
'Lees de eerste letter nog eens?", "Spel het woord nog eens?", "Hak
het woord eens in stukjes?", "Op welk ander woord lijkt dit woord
heel erg?", "Welke regel heb je bij dit woord nodig?", "Welk
ezelsbruggetje had je ook alweer bedacht?".
- een voorbeeld van een 'begrijpend lees'-strategie is een kind
leren eerst de koppen in een tekst te lezen voordat hij aan de
volledige tekst begint. Hiermee weet hij al globaal waar de tekst
over gaat en dit helpt hem om de volledige tekst te begrijpen.
- het kind laten voorlezen aan een veel jonger broertje, zusje,
neefje, buurmeisjes, etc.
Bij zelf lezen is het zaak een kind keuze te bieden uit
verschillende soorten boeken, van lees- en informatieve boeken tot
strips.
naar boven
4. Blijven stimuleren en bemoedigen
Een belangrijk punt in de begeleiding van leerlingen met
dyslexie is het uitbreiden van de effectieve leertijd. Elke nieuwe
lees- en spellingvaardigheid moet bij deze kinderen veel
intensiever geoefend worden dan bij het gemiddelde kind. Dat vraagt
om veel herhaling en verwerken van leesoefeningen bij andere
bezigheden.
Als ouders zich hiervan bewust zijn kunnen ze creatief meedenken
over de manieren waarop er ook thuis (ongemerkt) geoefend kan
worden met lezen en schrijven. Om de beurt hardop voorlezen is een
uitstekend hulpmiddel. Elke dag 10 minuten hardop voorlezen is
daarbij een mooie regel (beter 5 x 10 minuten dan 1 x 50
minuten).
Bij stimuleren hoort altijd begrip en bemoediging voor het kind.
Thuis moet ervoor gewaakt worden het kind te veel te dwingen.
naar boven
5. Gebruik van hulpmiddelen
Als een kind op school hulpmiddelen gebruikt bij lezen en
schrijven, is het belangrijk dat hij hiervan ook thuis gebruik kan
maken, bijvoorbeeld bij het maken van huiswerk. Omgekeerd is het
goed om ook met de leerkracht te delen wat thuis al ondernomen is
om het kind te ondersteunen en samen met de leerkracht te bekijken
of daar ook in de klas mogelijkheden voor zijn.
Extra oefenen van de basisvaardigheden vindt in principe op
school plaats, maar kan thuis natuurlijk wel ondersteund worden
wanneer het op een speelse niet-dwingende manier gebeurt. Er
bestaan speciale typecursussen voor
kinderen. Ook met spelletjes, zoals scrabble of rummikub wordt er
spelenderwijs geoefend. Een ander alternatief zijn educatieve
computerspelletjes. Zie ook ICT-hulpmiddelen.
naar boven
6. Opkomen voor de belangen van uw kind
Aan de bel trekken over uw ongerustheid over de leesontwikkeling
van uw kind, is opkomen voor zijn of haar belangen. Het is geen
kwestie van een zeurende ouder zijn.
Blijf aandacht vragen voor de leesontwikkeling van uw kind als u
denkt dat het niet goed gaat. Zeker in de wetenschap dat hoe
vroeger de problemen worden aangepakt hoe groter de kans op succes
is. Opkomen voor de belangen van uw kind is ook dat u het contact
met de school en deskundigen op een positieve manier aangaat.
naar boven
Laatste wijziging: 08-02-2011