Leesproblemen in de bovenbouw (groep 5-8)
Niet alle kinderen met dyslexie worden in de onderbouw al
opgespoord. Kinderen kunnen hun leesproblemen jarenlang verbergen.
Het komt ook voor dat een leerkracht de problemen niet
onderkent.
Zwakke lezers
Leesproblemen van leerlingen in de bovenbouw
kunnen verschillende oorzaken hebben:
-
leerlingen die het technisch lezen redelijk vlot hebben
geleerd, maar die moeite hebben met begrijpend lezen
-
leerlingen bij wie in de voorgaande jaren de diagnose dyslexie
al is gesteld.
Zij blijven moeite houden met het technisch lezen en dreigen
steeds verder achter te gaan lopen, omdat de motivatie om te lezen
gevaar loopt.
-
leerlingen die hun leesproblemen tot dan toe hebben kunnen
verbergen, maar in de problemen komen met de langere en meer
ingewikkelde teksten in de bovenbouw.
Het is mogelijk dat deze leerlingen dyslexie hebben en zich het
lezen van woorden op een verkeerde manier hebben aangeleerd,
namelijk niet via het verklanken, maar door het hele woordbeeld in
het geheugen op te slaan. Wanneer de zinnen dan ingewikkelder
worden, legt het een te groot beslag op het geheugen en lukt het
niet meer om hele zinnen te overzien
Helaas komt het ook nog voor dat de lees- en spellingproblemen
niet worden onderkend als dyslexie of zelfs worden genegeerd. Het
is dus van het grootste belang ook in de bovenbouw te letten op
signalen van dyslexie.
Leerlingen met dyslexie
Leerlingen met dyslexie dreigen in de bovenbouw
steeds verder achter te lopen, omdat het lezen bij hen traag
verloopt en relatief veel energie vraagt. Hierdoor ze
zijn steeds minder gemotiveerd om zelfstandig te lezen en
oefenen ze steeds minder om een vlotte lezer te
worden.
Dyslexie is daarmee niet alleen een belemmering om te leren
lezen, maar ook om een vlotte lezer te worden. Om toch ook zoveel
mogelijk zelfstandig met leesmateriaal te kunnen omgaan, hebben
deze leerlingen veel hulp nodig.
Dyslexie maakt een kind onzeker. Leerlingen die voldoende
intelligent zijn en het technisch lezen maar niet onder de knie
kunnen krijgen, terwijl het bij de klasgenootjes probleemloos lijkt
te verlopen, gaan twijfelen aan hun gevoel van eigenwaarde.
Naarmate een kind ouder wordt en meer stress heeft ervaren bij het
lezen, wordt de frustratie alleen maar groter.
Faalangst is bij kinderen met dyslexie een regelmatig voorkomend
verschijnsel. Wanneer dyslexie eenmaal is vastgesteld, is het vaak
een grote opluchting voor een kind. Het weet dan wat er aan de hand
is. Het kind krijgt meestal gerichte hulp en heeft dan niet meer
het gevoel alleen met iets te tobben, iets waar hij zich voor moet
schamen: het kind weet dat hij niet dom is.
Bekend is dat de decodeervaardigheden bij kinderen met dyslexie
zich alleen verder ontwikkelen als ze directe en planmatige
instructie krijgen.
Laatste wijziging: 26-05-2010