print logo

Hoe kan ik mijn kind helpen?

Uw kind met leesproblemen of dyslexie in de bovenbouw kunt u op de volgende manieren helpen:

  1. letten op signalen
  2. overleggen met school
  3. thuis extra ondersteunen
  4. blijven stimuleren en bemoedigen
  5. gebruik van hulpmiddelen
  6. opkomen voor de belangen van het kind

1. Letten op signalen

Omdat dyslexie lang niet altijd in de onderbouw wordt gesignaleerd, blijft het dus belangrijk om bedacht te zijn op signalen van dyslexie als blijkt dat:

  • de leesontwikkeling niet vlot verloopt
  • het kind tekenen van faalangst gaat vertonen bij lees en spellingtaken
  • het kind emotionele of gedragsproblemen ontwikkelt zonder duidelijke oorsprong.

Een eenvoudige manier om op signalen te letten is te luisteren als het kind hardop leest of onzinwoorden moet lezen. Bij het hardop lezen vallen het trage tempo en de vele fouten op. Bij onzinwoorden heeft een kind geen steun aan het woordbeeld of houvast aan de betekenis van een woord in een zin. Onzinwoorden moeten letter voor letter verklankt worden. Dit kost kinderen met dyslexie opvallend veel moeite.

2. Overleggen met school

Maakt u zich zorgen om uw kind en houdt de school nog geen structureel overleg over leesproblemen of dyslexie, dan is de eerste stap het informeren naar de toetsresultaten. Dit kan dus ieder jaar rond van de herfstvakantie.

Is al wel bekend dat uw kind dyslexie of ernstige lees-/spellingproblemen heeft, dan moeten leerkracht en ouders aan het begin van het schooljaar zo snel mogelijk het begeleidingsplan uit het vorige leerjaar met elkaar doornemen en overleggen over de eventuele adviezen van de externe deskundige.

Een begeleidingsplan is een globaal plan van aanpak, dat de basis vormt voor het handelingsplan van de leerkracht. Een handelingsplan is gedetailleerd en voor de korte termijn. Het handelingsplan bestrijkt een periode van 6 weken tot 3 maanden en geeft gedetailleerd weer wat, hoe, wanneer, door wie en waar met welke materialen de hulp zal plaatsvinden en wanneer de hulp geëvalueerd zal worden.

Soms zal dit een plan zijn dat in de klas door de leerkracht wordt uitgevoerd. Soms wordt de remedial teacher en externe deskundige ingeschakeld. Hulp van ouders kan een goede aanvulling betekenen.

Icoon Pijl omhoog [1615] naar boven

3. Thuis extra ondersteunen

(Voor)lezen als dagelijkse kost!

Wanneer een kind niet zelf wil lezen, blijft voorlezen tot en met groep 8 (of zelfs later) belangrijk. Het liefst dagelijks. Hierdoor krijgt uw kind toch toegang tot de gewone kinderboeken die bij hun leeftijd passen.

Als ouder werk je hierdoor ook mee aan het voorkomen van een taalontwikkelingsachterstand. Kinderen ervaren zo dat boeken lezen leuk kan zijn.

Het protocol geeft de volgende tips voor ouders:

  • probeer een voorleesrooster te maken, zodat meerdere leden uit het gezin of opa en oma of de oppas een bijdrage kunnen leveren
  • houd een (voor)leeslogboek bij. Het is stimulerend om te zien wat er in de loop van de tijd allemaal al is gelezen
  • voorlezen voor het naar bed gaan is een goede manier om de dag af te sluiten: het kind komt tot rust en heeft iets leuks in het hoofd bij het in slaap vallen. En het is erg gezellig!
  • ouders van meerdere kinderen kunnen hun keuze van het voorleesboek afstemmen op de oudste. De jongsten pikken eruit op waar ze aan toe zijn en voor de oudste is het erger een kinderachtig boek voorgelezen te krijgen
  • het belangrijkste is dat de boeken kinderen aanspreken. Ze moeten ze leuk en spannend vinden
  • tijdens het (voor)lezen kunt u af en toe stoppen en (open) vragen stellen. Hierdoor wordt het kind gestimuleerd om zijn eigen gedachten onder woorden te brengen. Bijvoorbeeld: "Wat vind je van…?", "Hoe denk je dat dit werkt…?",  "Hoe gaat het verder…?", "Wat zou daarvoor de reden kunnen zijn…?"
  • kinderen leren veel van de feedback die iemand geeft over de manier waarop ze lezen. Niet door te zeggen dit is fout, maar door ze een hulpmiddel (een strategie) aan te bieden. Bijvoorbeeld: 'Lees de eerste letter nog eens?", "Spel het woord nog eens?", "Hak het woord eens in stukjes?", "Op welk ander woord lijkt dit woord heel erg?", "Welke regel heb je bij dit woord nodig?", "Welk ezelsbruggetje had je ook alweer bedacht?".
  • een voorbeeld van een 'begrijpend lees'-strategie is een kind leren eerst de koppen in een tekst te lezen voordat hij aan de volledige tekst begint. Hiermee weet hij al globaal waar de tekst over gaat en dit helpt hem om de volledige tekst te begrijpen.
  • het kind laten voorlezen aan een veel jonger broertje, zusje, neefje, buurmeisjes, etc.

Bij zelf lezen is het zaak een kind keuze te bieden uit verschillende soorten boeken, van lees- en informatieve boeken tot strips.

Icoon Pijl omhoog [1615] naar boven

4. Blijven stimuleren en bemoedigen

Een belangrijk punt in de begeleiding van leerlingen met dyslexie is het uitbreiden van de effectieve leertijd. Elke nieuwe lees- en spellingvaardigheid moet bij deze kinderen veel intensiever geoefend worden dan bij het gemiddelde kind. Dat vraagt om veel herhaling en verwerken van leesoefeningen bij andere bezigheden.

Als ouders zich hiervan bewust zijn kunnen ze creatief meedenken over de manieren waarop er ook thuis (ongemerkt) geoefend kan worden met lezen en schrijven. Om de beurt hardop voorlezen is een uitstekend hulpmiddel. Elke dag 10 minuten hardop voorlezen is daarbij een mooie regel (beter 5 x 10 minuten dan 1 x 50 minuten).

Bij stimuleren hoort altijd begrip en bemoediging voor het kind. Thuis moet ervoor gewaakt worden het kind te veel te dwingen.

5. Gebruik van hulpmiddelen

Als een kind op school hulpmiddelen gebruikt bij lezen en schrijven, is het belangrijk dat hij hiervan ook thuis gebruik kan maken, bijvoorbeeld bij het maken van huiswerk. Omgekeerd is het goed om ook met de leerkracht te delen wat thuis al ondernomen is om het kind te ondersteunen en samen met de leerkracht te bekijken of daar ook in de klas mogelijkheden voor zijn.

Extra oefenen van de basisvaardigheden vindt in principe op school plaats, maar kan thuis natuurlijk wel ondersteund worden wanneer het op een speelse niet-dwingende manier gebeurt. Er bestaan speciale typecursussen voor kinderen. Ook met spelletjes, zoals scrabble of rummikub wordt er spelenderwijs geoefend. Een ander alternatief zijn educatieve computerspelletjes. Zie ook ICT-hulpmiddelen.

6. Opkomen voor de belangen van uw kind

Aan de bel trekken over uw ongerustheid over de leesontwikkeling van uw kind, is opkomen voor zijn of haar belangen. Het is geen kwestie van een zeurende ouder zijn.

Blijf aandacht vragen voor de leesontwikkeling van uw kind als u denkt dat het niet goed gaat. Zeker in de wetenschap dat hoe vroeger de problemen worden aangepakt hoe groter de kans op succes is. Opkomen voor de belangen van uw kind is ook dat u het contact met de school en deskundigen op een positieve manier aangaat.

Icoon Pijl omhoog [1615] naar boven

 

Laatste wijziging: 31-01-2014

Steunpunt Passend Onderwijs

(0800) 5010

Open: ma-vr 10.00-15.00 uur
Kosten: gratis

Contact met het steunpunt

Ledenadministratie

(030) 225 50 50

Open: ma-vr 9.00-17.00 uur
Kosten: normaal tarief

Mail Balans

Telefoon & adres

(030) 225 50 50

Postbus 93
3720 AB Bilthoven

Contact met Balans

Soestdijkseweg-Zuid 217
3721 AD Bilthoven

twitter | facebook
Copyright 2014 Steunpunt Dyslexie  | Disclaimer

Partners