Afkortingen en begrippen dyslexie
Op het gebied
van dyslexie worden veel afkortingen en begrippen
gebruikt. De belangrijkste vindt u hieronder, in alfabetische
volgorde.
A . B
. C
. D . E . F
. G . H .
I . J . K .
L . M . N . O
. P . Q . R . S . T . U . V . W . X . Y . Z
B
BaO/BO
Basisonderwijs. Zie ook PO.
Begeleidingsplan
Plan dat in grote lijnen beschrijft wat de
ontwikkelingsmogelijkheden zijn van een leerling voor een periode
van een of twee leerjaren.
Boekoriëntatie
Mate waarin een kleuter begrijpt dat illustraties en tekst samen
een verhaal vertellen, dat een boek van voor naar achter gelezen
wordt en dat je vragen kunt stellen over een boek.
naar boven
C
CBT-examen
Bij een CBT- of 'ComputerBased Testing' examen verschijnen alle
vragen op het beeldscherm. De kandidaat beantwoordt alle vragen op
de computer en ook de correctie vindt op de computer plaats.
Gesloten vragen worden dan automatisch gecorrigeerd, open vragen
door een docent.
CITO
Centraal Instituut voor Toets Ontwikkeling. Cito ontwikkelt
volgsystemen en toetsen voor basis- en voortgezet onderwijs en
school- en centrale examens voor het VO. De CITO-toets wordt
door bijna 80% van alle basisscholen gebruikt als
eindtoets. ISI en GIVO-toets. Meer informatie: www.cito.nl.
Comorbiditeit
Het meer dan gemiddeld gelijktijdig voorkomen van
verschillende stoornissen (dyslexie heeft
bijvoorbeeld comorbiditeit met ADHD).
Compenserende
maatregelen
Maatregelen die de gevolgen van de lees- en/of
spellingproblemen beperken bij het lezen en schrijven van teksten.
Voorbeelden hiervan zijn: opgaven in een groter lettertype, extra
tijd bij maken van toetsen, niet meetellen van
taalfouten en het gebruik van ICT-hulpmiddelen.
Computerexamen of digitaal examen
Algemene term waarmee alle centrale examens worden aangeduid
waarbij de computer een rol speelt. Hieronder vallen de CBT-examens
en de huidige kunstexamens.
CvE
College voor Examens (voorheen CEVO). Kerntaken van het CvE
zijn beschrijving van examenstof, vaststellen van
examenopgaven, verantwoordelijk zijn
voor afname staatsexamens en normeren
van examens. Meer informatie: www.cve.nl.
CVZ
College Voor Zorgverzekeringen. Adviseert de minister van VWS
over de samenstelling van het basispakket. Meer informatie: www.cvz.nl.
naar boven
D
Daisy-cd
Digital Accessible Information System. CD met gesproken
boeken.
Daisyspeler
Aparaat waarmee daisy-cd's afgeluisterd kunnen worden.
DBC
Diagnose Behandeling Combinatie. De basis van het
betalingssysteem voor de ziekenhuiszorg en de geneeskundige
geestelijke gezondheidszorg. Elke DBC heeft een eigen code die
zorgverleners gebruiken in de administratie. Meer informatie bij de
Rijksoverheid.
Dedicon
Stichting die toegankelijke leesvormen maakt
voor scholieren, studenten en vakbeoefenaren met een
leeshandicap. Dedicon levert ondermeer gesproken schoolboeken
voor het voortgezet onderwijs. Meer informatie: www.dedicon.nl.
Dispenserende
maatregelen
Maatregelen waarbij het kind vrijstelling (ontheffing) krijgt
van bepaalde taken en vakken, zoals voorleesbeurten,
spellingtoetsen -beoordeling, vermindering van het aantal boeken op
de boekenlijst en mondeling in plaats van schriftelijk
overhoren.
DLE
Didactisch leeftijdsequivalent. Het DLE drukt uit op welk niveau
een leerling staat met het beheersen van de leerstof. Eén DLE is
wat de gemiddelde leerling na één maand onderricht op de
basisschool onder de knie heeft. Een DLE van 10 komt overeen
met wat de gemiddelde leerling op het einde van het eerste leerjaar
of groep 3 heeft bereikt.
Dyslexie
Een stoornis die gekenmerkt wordt door een hardnekkig probleem
met het aanleren van het accuraat en/of vlot toepassen van het
lezen en/of het spellen op woordniveau.
Dyslexiecoach (of - coördinator)
Medewerker binnen de school (voortgezet onderwijs) die zich
bezighoudt met het coachen en begeleiden van leerlingen met
dyslexie gedurende hun hele schoolloopbaan. De coach is meestal een
mentor of remedial teacher en deze leert de leerling zoveel
mogelijk zijn eigen problemen op te lossen.
Dyslexiepas of -kaart
Document (kaart) die leerlingen met dyslexie in het VO
krijgen en waarin de gemaakte afspraken over compenserende
maatregelen en hulpmiddelen staan. Deze afspraken dienen door alle
docenten gehanteerd te worden. Zie ook compenserende maatregelen en
een voorbeeld
van een dyslexiepas.
Dyslexiescan
De dyslexiescan bestaat uit vier vragenlijsten die door
verschillende personen (leerlingen met dyslexie, docenten en
mentoren, zorgspecialisten en de directie) moeten worden ingevuld.
De school krijgt hiermee een beeld van het dyslexiebeleid dat zij
voert en de uitvoering ervan.
Dyslexieverklaring
Verklaring die beschrijft welke ernstige belemmeringen de
leerling ondervindt bij het volgen van onderwijs en/of bij het
functioneren in de samenleving en geeft aan welke behandeling,
materiële voorzieningen, begeleiding en compensaties/dispensaties
in het onderwijs noodzakelijk zijn. Zie ook compenserende maatregelen en
dispenserende
maatregelen.
Dysorthografie
Problemen bij het spellen.
naar boven
E
ExamenTester
De examensoftware die op dit moment wordt gebruikt voor de
CBT-examens. Voorheen was dit Citotester.
naar boven
F
Fonemisch bewustzijn
Het kunnen doorzien dat woorden uit losse klanken bestaan ('b'
is de eerste letter van 'bal' en ook van 'boek').
Fonologisch bewustzijn
Het kunnen doorzien van de klankstructuur van taal.
Fonologische vaardigheden
Het vermogen om klanken te herkennen en van elkaar te
onderscheiden.
naar boven
G
GIVO-toets
Een psychologische test die een indicatie geeft van het
taalkundig, het rekenkundig en het ruimtelijk inzicht. Wordt als
alternatief voor de Citotoets gebruikt. Zie ook CITO.
naar boven
H
Handelingsplan
Een concreet plan dat zich richt op het begeleiden van een leer-
en/of gedragsprobleem. Het plan wordt binnen een tijdbestek van 6
tot 12 weken uitgevoerd of geëvalueerd.
naar boven
I
Intern begeleider (IB'er)
Leerkracht binnen de basisschool die coördinerende, begeleidende
en innoverende taken heeft. In het voortgezet onderwijs wordt deze
taak uitgevoerd door een Zorgcoördinator.
ISI
Intelligentie, Schoolvorderingen en Interesse. Eindtoets
basisonderwijs, alternatief voor de Citotoets. Zie ook CITO.
IQ
Intelligentie Quotiënt. Uitkomst van een afgenomen
intelligentietest. Het gemiddelde van de verbale en performale
intelligentie. De bekendste test in Nederland is de WISC. Zie ook
WISC.
naar boven
L
Leerlingdossier
Verzamelnaam voor de persoonsgegevens die de school verwerkt en
bijhoudt over een leerling. Bevat rapporten, uitslagen van
toetsresultaten, gegevens uit het leerlingvolgsysteem, verslagen
van gesprekken met ouders en afspraken die er over de leerling zijn
gemaakt. Zie ook Leerlingvolgsysteem.
Leerlingvolgsysteem
Methode waarbij de leer- en sociale ontwikkeling van een kind
wordt gevolgd via toetsscores. Zie ook Leerlingdossier.
Leesstrategie
Techniek om begrijpend lezen te verbeteren door te kijken naar
de structuur van een tekst (titel, inleiding, tussenkopjes, slot)
en daarbij het onderwerp en de hoofdgedachte (mening van de
schrijver) te formuleren.
Letterkennis
De mate waarin een leerling de letter kan herkennen, benoemen en
de koppeling tussen een klank en letter kan maken.
naar boven
M
Makkelijk Lezen Plein (MLP)
Makkelijk Lezen Plein. Ruimte in openbare bibliotheken,
waar op een aantrekkelijke manier literatuur wordt aangeboden aan
kinderen die niet graag lezen. Meer informatie: www.makkelijklezenplein.nl.
Mindmap
Tekening van pictogrammen (plaatjes) met tekst. Leerlingen met
dyslexie kunnen met mindmap een samenvatting maken van de lesstof
of van een boek en deze techniek ook gebruiken om antwoorden te
geven bij een toets.
naar boven
O
OC&W, Ministerie van
Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen. Meer
informatie: www.rijksoverheid.nl.
Opbrengstgericht werken
Het door een school systematisch en doelgericht werken aan het
maximaliseren van de prestaties van haar leerlingen. Doelen
stellen, zicht hebben op leerresultaten, planmatig en
resultaatgericht werken zijn essentieel voor het bereiken van zo
hoog mogelijke opbrengsten voor alle leerlingen.
naar boven
P
PO
Primair Onderwijs of basisonderwijs. Zie ook BAO/BO.
Protocol Dyslexie Diagnose en behandeling
Leidraad voor diagnose, indicatie en behandeling
van dyslexie. Lees meer bij Zorgprotocol dyslexie.
Protocollen Dyslexie Onderwijs
Handreikingen voor leerkrachten en onderwijsbegeleiders ter
bevordering van dyslexiebegeleiding en dyslexiebeleid in het
onderwijs. Lees meer bij Protocollen onderwijs.
naar boven
R
Remedial
teacher (RT'er)
Houdt zich bezig met de individuele begeleiding van de leerling
die onderwijs op maat nodig heeft.
naar boven
S
Signaleringstoets
Toets die afgenomen wordt in het eerste jaar van de brugklas. De
toets bestaat uit drie onderdelen: een stil-leestoets, een
zinnendictee en een overschrijftaak. De uitslag van deze toets is
een signaal voor spel- en schrijfproblemen of dyslexie.
naar boven
T
Taalbewustzijn
De mate waarin kinderen woorden in klankgroepen kunnen verdelen
(kin-der-wa-gen), of ze eindrijm (pan rijmt op Jan)
en/of woorden kunnen herkennen en toepassen (Kees en Kim
beginnen allebei met een 'k') en of ze woorden in fonemen (lossen
klanken) kunnen verdelen (p-e-n).
Taal- of dyslexiepas
Document (kaart) die leerlingen met dyslexie in het VO
krijgen en waarin de gemaakte afspraken over compenserende
maatregelen en hulpmiddelen staan. Deze afspraken dienen door alle
docenten gehanteerd te worden.
TAK
Taaltoets Alle Kinderen. Deze toets is erop gericht om het
taalbewustzijn van kinderen te meten en wordt afgenomen aan
het eind van groep 1 en 2.
Technische lees- en spellingsontwikkeling
De basis die het kind moet hebben om te kunnen lezen en
schrijven.
Technisch lezen
Bij technisch lezen gaat het erom dat de hersenen letters
(schrifttekens) vlot kunnen koppelen aan klanken. Dit noemt men de
teken-klank-koppeling.
Tutorlezen
Een kind leest samen met een ander (ouder, leerkracht,
medeleerling) volgens een vastgestelde methode.
naar boven
V
Verhaalbegrip
De mate waarin een kleuter de 'taal' van voorleesboeken
begrijpt. Kan het kind bijvoorbeeld het verhaal navertellen,
naspelen of halverwege voorspellingen doen over de afloop van het
verhaal.
VMBO
Voorbereidend middelbaar beroepsonderwijs.
VO
Voortgezet Onderwijs.
VWS, Ministerie van
Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. Meer
informatie: www.rijksoverheid.nl.
naar boven
W
Wet BIG
Wet beroepen in de gezondheidszorg. Deze wet bevat regels voor
zorgverlening door psychologen in de gezondheidszorg. De wet
moet de kwaliteit van de beroepsbeoefening bevorderen en patiënten
beschermen tegen onzorgvuldig handelen door zorgverleners. Lees
meer over het BIG-register.
WISC
Wechsler Intelligence Scale for Children. Intelligentietest
met dertien onderdelen verdeeld in twee hoofdcategorieën. Zie ook
IQ.
WPO
Wet op het Primair Onderwijs.
WVO
Wet op het Voortgezet Onderwijs.
naar boven
Z
Zorgcoördinator
Onderwijsmedewerker met een coördinerende, begeleidende en
innoverende taak met betrekking tot zorgleerlingen in het
voortgezet onderwijs. In het basisonderwijs wordt deze taak
uitgevoerd door de Intern Begeleider (IB'er). Zie ook IB'er.
naar boven
Laatste wijziging: 02-02-2012