Examenfaciliteiten bij dyslexie
Voor eindexamenleerlingen met
dyslexie (én een officiële dyslexieverklaring) bestaat de
mogelijkheid om op aangepaste wijze examen te doen volgens Artikel
55 van het Eindexamenbesluit. Leerlingen met dyslexie hebben zowel
bij het schoolexamen als bij het centraal schriftelijk eindexamen
standaard recht op 30 minuten extra tijd.
De directeur van de school bepaalt aan de hand van het
deskundigenrapport of de leerling recht heeft op hulpmiddelen zoals
een Daisyspeler, computer of leespen. Een digitaal woordenboek en
een digitale atlas zijn tijdens het examen niet toegestaan.
De wet- en regelgeving die bij het examen van toepassing is,
komt hieronder aan de orde.
Onderwerpen op deze pagina:
Artikel 55 Eindexamenbesluit
De mogelijkheid om aangepast examen te doen voor leerlingen met
een beperking (waaronder dyslexie) is wettelijk vastgelegd in
'Artikel 55 van het Eindexamenbesluit'¹.
Op grond van artikel 55 mag de directeur bepalen óf een leerling
aangepast examen mag doen en op welke wijze. Aanpassingen gelden
zowel voor de schoolexamens als het centraal examen en moeten door
de school gemeld worden aan de inspectie. Standaard hebben
leerlingen met dyslexie recht op verlenging van de examentijd
met 30 minuten.
Andere aanpassingen en hulpmiddelen zijn alleen mogelijk, als
deze vermeld staan in het deskundigenrapport dat bij de
dyslexieverklaring hoort. Ook moet de leerling op school al geruime
tijd met de hulpmiddelen hebben gewerkt. De directeur moet de
benodigde aanpassingen officieel vóór 1 november
van het jaar ervoor aanvragen.
Zie Links en bronnen.
Examenmededelingen
Het College voor Examens (CvE), voorheen CEVO, geeft jaarlijks
de september- en maartmededeling uit met richtlijnen over de
examens, waaronder het gebruik van hulpmiddelen bij dyslexie.
Septembermededeling
In de Septembermededeling¹ staan richtlijnen over de vorm waarin
de school het examen kan aanbieden aan leerlingen met dyslexie.
Genoemd worden: grootschrift, examenopgaven in gesproken vorm of
als tekstbestand en het gebruik van de computer als hulpmiddel bij
schrijven en spellen.
Zie Links en bronnen.
Maartmededeling
In de Maartmededeling¹ staat aanvullende informatie voor scholen
over de beoordeling van spelling bij Nederlands en Engels en het
gebruik van woordenboeken. Ook hierin wordt de computer met
spellingcontrole aangehaald als een toegestaan hulpmiddel voor
eindexamenkandidaten met dyslexie. Zie Links
en bronnen.
Regeling Toegestane hulpmiddelen
Bij het centraal examen kunnen leerlingen gebruik maken van
hulpmiddelen als een woordenboek of rekenmachine. Deze hulpmiddelen
zijn vastgelegd in de Regeling Toegestane Hulpmiddelen. Deze
hulpmiddelen gelden voor álle leerlingen.
Voor leerlingen met dyslexie kan van belang zijn dat:
- spelfouten bij Nederlands voor iedereen meetellen, ook voor
leerlingen met dyslexie.
- bij de schriftelijke examens alle leerlingen een computer met
spellingcontrole mogen gebruiken als schrijfgerei. Een digitaal
woordenboek of digitale atlas gelden als 'verboden
hulpmiddelen'.
De hulpmiddelen die leerlingen met dyslexie bij het
eindexamen mogen gebruiken zijn onder te verdelen in:
Deze hulpmiddelen worden verder uitgewerkt bij Voortgezet
onderwijs > Eindexamen > Hulpmiddelen bij het eindexamen.
Zie ook
Links en bronnen
Meer links die betrekking hebben op het eindexamen, zijn te
vinden onder de categorie Examen bij Links over dyslexie.
Laatste wijziging: 29-03-2010